Een uitstervend ras, zo kunnen we deze categorie spelers het beste aankondigen. Op een druilerige ochtend treffen we een oude bekende, reden om hem een microfoon onder zijn neus te schuiven en met hem terug te blikken op zijn voetbalcarrière. Edwin speelde zijn hele leven voor Fortitdo en dat werd met de paplepel ingegoten. Op Sprokkelenburg was hij de vaste linksback en later aanvoerder van het eerste elftal. Onder Michel Blokker maakte hij de promotie mee naar de 3e klasse en later kwam hij met spelers te spelen, die hij zelf in de jeugd getraind had. Een verhaal over een echte Fortiaan.
Edwin, wat fijn om weer van je te horen! Hoe gaat het met je en wat doe je tegenwoordig?
”Goedemorgen Abdel, het gaat goed met me. Ik werk al dertien jaar voor mezelf als meubelstoffeerder. Samen met mijn vrouw en kinderen hebben we dit bedrijf opgebouwd, en mijn zoon helpt nu al bijna twee jaar mee”
Je hebt een indrukwekkende carrière achter de rug als clubvoetballer bij Fortitudo. Hoe kijk je terug op jouw voetballoopbaan?
”Ik heb een mooie carrière gehad met de nodige ups en downs, zoals dat in de voetballerij gaat. Maar vooral veel mooie herinneringen. Mijn hoogtepunt was na het overlijden van mijn vader. Dat seizoen promoveerden we naar de derde klasse en toen zijn we met de hele groep bloemen gaan brengen op Noorderveld in Nieuwegein. Dat was heel bijzonder voor mij”
Je had bij Fortitudo een bijzondere bijnaam: “Reinteintein.” Kun je daar iets over vertellen?
”Ja, dat klopt. De bijnaam ontstond na een bijzondere vrije trap. Ik schoot ooit een vrije trap van 35 meter erin, en dat ook nog eens op mijn gympies. Toen riep ik: “Zie je, dat kan Reinteintein ook op zijn gympies!” Zo is mijn bijnaam ontstaan”

Michel Blokker noemt jou nog steeds zijn beste linksback aller tijden. Wat voor band had je met hem?
”De band was goed. Ik mocht altijd mijn eigen gang gaan en hij wist wat hij aan mij had. Ik kwam bij Michel als 17-jarige in het eerste terecht en moest gelijk aan de bak tegen Houten in de beker, omdat de linksback te laat was. Ik scoorde die wedstrijd twee keer uit een strafschop.”

Aan welke andere trainer heb je goede of minder goede herinneringen?
”Jan van Deinsen is een trainer waar ik goede herinneringen aan heb. Bij hem liepen we veel, maar alles was met balspel en hij was recht door zee. Dat waardeerde ik enorm”
Je was in die tijd ook actief als jeugdtrainer. Veel van jouw spelers hebben later het eerste elftal gehaald. Heb je er weleens aan gedacht om je trainersloopbaan weer nieuw leven in te blazen?
”Ik heb altijd met veel plezier de jeugd getraind. Als ik de tijd had, zou ik het zo weer doen. Er zijn best veel spelers die het eerste hebben gehaald en sommigen, zoals Sebastiaan Gielens, hebben zelfs op een hoger niveau gespeeld. Dat maakt me trots”
Winston Bogarde was bij Ajax specialistentrainer voor verdedigers. Wat kunnen de verdedigers van tegenwoordig leren van de Edwin Jägers van 25 jaar geleden?
”Kijk, als de wedstrijd begon, keek ik altijd 1 à 2 duels af met mijn tegenstander. Was hij snel, dan ging ik een paar stappen achteruit staan en gaf ik hem wat ruimte. Zo had ik al een paar stappen voorsprong. Als je een tackle inzet, wacht dan tot het echt niet anders kan. Eén been op de bal, het andere erachter om te kunnen corrigeren. En vooral: lees het spel goed”

Volg je het Culemborgse voetbal nog een beetje?
”Ja, ik hou het allemaal nog wel een beetje bij, ook in Culemborg. Voetbal blijft altijd trekken.”
Welke boodschap heb je voor alle mensen die jou nog kennen maar een beetje uit het oog zijn verloren?
”Ik ben nog steeds dezelfde jongen van toen. Sommigen zagen mij misschien als een kwaaie jongen, maar nu ben ik een rustige man met huisje, boompje, beestje en mijn eigen zaak. Geloof in jezelf, dan geloof je ook in anderen. Zoals mijn opa altijd zei: “Als je van jezelf houdt, kun je ook van anderen houden.”

